Het is zondag. De rest van het gezin is naar de kerk. Ik ga niet mee. Zoals ik ondertussen al maanden niet meega. Omdat daar mijn eenzaamheid de proporties aanneemt van het kerkgebouw.
Zo veel enthousiasme heb ik al een jaar niet bij je gezien. Je woorden buitelen over elkaar, als kleuters die het schoolplein bestormen. Even lijkt het alsof het nooit anders is geweest.
Je vijanden liefhebben en goed zijn voor degenen die ons haten, is in de praktijk niet zo makkelijk. Maar heb je je weleens afgevraagd of deze opdracht een noodzakelijke stap is op weg naar heelheid en vrijheid?
Het hoofd neergebogen, schouders een beetje hangend – zo zit ze op de rand van het bed. De deur staat op een kier open, ik kan haar een paar seconden zo bekijken zonder dat ze weet dat ik aan de andere kant sta.
Sommige mensen hebben alles in zich om een prachtige vlinder te worden, maar blijven toch een rups, en dat terwijl ze vaak zo veel mogelijkheden, zo veel potentie hebben om uit de cocon te komen…
Lieve mama. Dit jaar word ik veertig. Laatst realiseerde ik me dat jij, toen je net zo oud was als ik nu, je kinderen al kwijt was. Getrouwd of op kamers. Je kon niets meer aan de opvoeding toevoegen.