Sprekende stilte

8 februari, 2018

Het is stil in huis. De jongens slapen en ik open mijn laptop. Dit is hét moment, deze rust moet ik benutten. Voordat de babyfoon een beroep op me doet. Ik denk na over stilte, over mijn onvervulde verlangen daarnaar in de afgelopen maanden.

Onrust is niet gek in een gezin met jonge kinderen. Maar mijn verlangen naar stilte gaat dieper. Uiteraard is de letterlijke stilte in huis al heerlijk. Dat gebeurde de afgelopen maanden niet vaak. En als de jongens wel tegelijk hun middagslaapje deden, verbrak ik de rust vaak op mijn eigen manier. Dan ruimde ik op, maakte ik schoon of zette ik de tv aan. Ik dacht mezelf op die manier rust te geven. Een opgeruimd huis is immers een opgeruimd hoofd? En ontspanning geeft ook rust. Maar echt stil werd het niet; niet vanbinnen.

En als ik de stilte meer zou laten spreken? Mijn verlangen naar rust spreekt boekdelen. Het vertelt mij dat ik af en toe graag alleen wil zijn. Dat ik even niet verantwoordelijk wil hoeven zijn en mijn eigen tijd in wil kunnen delen. Dat klinkt behoorlijk egoïstisch en het vervult mijn verlangen naar stilte slechts een klein beetje. Eigenlijk weet ik het wel. Het is waar wat Augustinus ooit zei: ‘Onrustig is ons hart, tot het rust vindt in Hem.’

Het is stil in huis. De jongens slapen en ik open mijn bijbel. Dit is hét moment, deze rust moet ik benutten. Voordat het huishouden een beroep op me doet. Ik lees over stilte, over Davids vervulde verlangen daarnaar in Psalm 131.

Ik heb mijn ziel tot rust en tot stilte gebracht, als een kind dat de borst ontwend is, bij zijn moeder, mijn ziel is in mij als een kind dat de borst ontwend is. (Psalm 131: 2, HSV) Ik lees het en leer dat stilte niet hetzelfde is als krijgen wat je vraagt of ontvangen wat je nodig hebt. Het genoemde kind wordt niet meer door zijn moeder gevoed, maar wil enkel in haar nabijheid zijn. Zoals mijn oudste, die het heerlijk vindt om op schoot te kruipen en bij me te zijn.

Het was stil in huis. De jongste wordt wakker en opent zijn mond. Dit is hét moment, deze onrust moet ik benutten. Voordat zijn smakkende lippen een beroep op me doen. Ik zing over stilte, over God in Wie ik mag rusten in onrustige tijden.

Stilte bereik je niet door het vermijden van rumoer of mensen. En rust zit niet in het vervullen van verlangens. Gods vredige stilte kan je tijdens een lied overvallen. Zijn nabijheid maakt rustig en geeft veiligheid. Het huilen van mijn jongste verbrak zojuist de stilte. Maar toch ervaar ik rust, omdat de stilte tot mij gesproken heeft. God is bij mij, ook als het leven met jonge kinderen momenteel onrustig is.

Ik loop naar boven en geef zoonlief de borst. Hij wordt stil en de stilte spreekt: als een kind bij zijn moeder. Als een kind bij dé Vader!

Reacties

nieuwe reacties


Groter dan je denkt Onderweg naar Pasen
Groter dan je denkt
Onderweg naar Pasen