‘Galileeërs, wat staan jullie naar de hemel te kijken?’
(Handelingen 1:11, NBV)
BIJBELGEDEELTE
Toen droeg Hij hun op: ‘Ga niet weg uit Jeruzalem, maar blijf daar wachten tot de belofte van de Vader, waarover jullie van Mij hebben gehoord, in vervulling zal gaan. Johannes doopte met water, maar binnenkort worden jullie gedoopt met de Heilige Geest. Als Die over jullie komt, zullen jullie kracht ontvangen en van Mij getuigen in Jeruzalem, in heel Judea en Samaria, tot aan de uiteinden van de aarde.’ Toen Hij dit gezegd had, werd Hij voor hun ogen omhooggeheven en opgenomen in een wolk, zodat ze Hem niet meer zagen. Terwijl Hij zo van hen wegging en zij nog steeds naar de hemel staarden, stonden er opeens twee mannen in witte gewaden bij hen. Ze zeiden: ‘Galileeërs, wat staan jullie naar de hemel te kijken? Jezus, Die uit jullie midden in de hemel is opgenomen, zal op dezelfde wijze terugkomen als jullie Hem naar de hemel hebben zien gaan.’
(Handelingen 1: 4-5, 8-11, NBV)
EEN STAPJE DICHTERBIJ
Hemelvaart is een beetje een ondergesneeuwde christelijke hoogtijdag. We gaan vaak nog wel naar de kerk, maar echt vieren doen we Jezus’ hemelvaart niet. En dat terwijl het juist wel een feestelijke gebeurtenis is. Zoals ik laatst las in een boekje: Eigenlijk zouden we met hemelvaart hemelsblauwe tompouces moeten eten. Met Koningsdag eten we een oranje tompouce, maar nu moeten we een hemelsblauwe eten. Want er is wel degelijk iets te vieren met hemelvaart. Jezus gaat in Zijn nieuwe lichaam terug naar de Vader. Hij wordt verheerlijkt als Koning, Zijn taak is volbracht, Zijn werk zit erop. Een soort Koningsdag voor Jezus. Jezus is niet alleen de gekruisigde, de opgestane en mensgeworden Heer, maar ook de verheerlijkte Heer.
Alle reden dus om feest te vieren. Maar ook een gebeurtenis met een opdracht – voor de discipelen destijds en voor ons nu. Bij Jezus’ hemelvaart krijgen de discipelen namelijk de opdracht om Jezus te volgen, waardoor Zijn hemelvaart niet zozeer een afscheid, maar een aansporing is. Ze mogen niet met hun hoofd in de wolken blijven zitten, niet blijven staren naar de hemel, maar worden aangemoedigd om met de Vader, de Zoon en de Geest de wereld in gaan.
Datzelfde zegt de engel vandaag als het ware tegen ons: ‘Wat staan jullie te staren naar de hemel? Jezus is bij God, en jullie hebben de opdracht om op weg te gaan met Zijn Geest. Om zo het blijde nieuws van de liefde van God te vertellen aan anderen.’ Oftewel: we mogen Gods handen zijn en in de Naam van Jezus de wereld in gaan. We mogen aan iedereen laten zien en weten dat hij of zij geliefd is en erbij hoort. Net zoals Jezus deed in Zijn leven, mogen we met elkaar meeleven, een goede buurvrouw zijn, tuintjes opknappen, elkaar helpen met praktische dingen, maar ook onze behoeften delen.
Dus na het feest(!) van aankomende donderdag niet met je hoofd in de wolken blijven staren naar de hemel, maar in de voetsporen van Jezus gaan!
GEBED
Heer, dat U weer terug bent bij Uw Vader, betekent niet dat U wilt dat wij afwachtend wachten op Uw terugkomst. Nee, Uw hemelvaart is juist een aansporing om op weg te gaan. Daarom bidden we U: help ons in Uw voetsporen te gaan, de wijde wereld in, en werk door Uw Heilige Geest zo in ons dat wij Uw handen en voeten zijn. Amen.


