Ik zat tegenover een vriendin en ratelde aan een stuk door. De woorden buitelden over elkaar heen omdat ik zo wanhopig was. Ze luisterde naar mijn verhaal en ik kon aan haar zien dat ze mijn last ook droeg. Ze wilde mijn pijn wegnemen. Maar ze wist dat ik meer nodig had dan troost, sympathie of zelfs haar advies. Ik had een Persoon nodig: Jezus. Mijn zonden zorgden voor een scheiding tussen God en mij en de enige remedie daarvoor was Jezus’ verlossende werk aan het kruis.
Mijn vriendin had allerlei redenen kunnen bedenken om ons gesprek die dag te beëindigen zonder het Evangelie met me te delen. Ik was ouder dan zij en had een andere achtergrond. We waren eigenlijk meer kennissen van elkaar, niet beste vriendinnen. Maar ze trok zich daar allemaal niets van aan. Waarom niet? Omdat ze zich niet schaamde voor het Evangelie en niet bang was het te delen.
Paulus had nog veel meer redenen om het Evangelie niet te delen dan mijn vriendin. Hij was zich er terdege van bewust dat hij daardoor in die tijd het risico liep vervolgd te worden; hij was tenslotte zelf een christenvervolger geweest! Maar ook Paulus schaamde zich niet voor het Evangelie en was niet bang het te delen. Misschien komt dit omdat zowel mijn vriendin als Paulus wist dat het Evangelie zo krachtig is dat het levens kan veranderen – dat hadden ze zelf ervaren.
Hun bekeringsverhalen zijn nogal verschillend. Mijn vriendin kwam al heel jong tot geloof. Paulus had misschien wel de spectaculairste bekering uit de hele geschiedenis: een helder licht op een donkere weg, de stem van Jezus, letterlijk verblind worden zodat hij uiteindelijk de waarheid kon zien. Toch waren ze beiden radicaal veranderd: van dood weer levend geworden. En dat gebeurde met mij ook, doordat mijn vriendin het Evangelie met mij wilde delen.
Je hoeft niet zo’n radicaal bekeringsverhaal te hebben als Paulus om te weten dat het Evangelie krachtig genoeg is om levens te veranderen. Wat jij en ik nodig hebben is het vertrouwen om te geloven. Er komt een tijd, als die niet al geweest is, dat we moeten kiezen tussen Jezus verkondigen of terugdeinzen en zwijgen.
Misschien vinden we onszelf wel niet geschikt of twijfelen we aan onszelf. Of misschien zijn we bang voor afwijzing. Maar als we geloven dat het Evangelie de waarheid is – dat God zijn enige Zoon, Jezus, naar de aarde stuurde en dat Hij helemaal God was en helemaal mens; dat Jezus een volmaakt leven leefde op aarde, aan het kruis stierf, weer opstond en de dood overwon; dat Jezus de weg is (de énige weg), de waarheid en het leven – dan zou het toch egoïstisch zijn om dat geweldige, levensveranderende nieuws voor onszelf te houden?
Jij en ik kunnen berouw hebben van onze angst en lakse houding in de wetenschap dat God zijn genade overvloedig schenkt. We kunnen de Heer vragen om geloof – geen geloof in onszelf of in de perfecte woorden, maar geloof in de reddende kracht van het Evangelie.
Tekst: © Als God voor ons is (Trillia J. Newbell)
Natuurlijk weten we dat God voor ons is, maar in alle uitputting, hectiek en tegenslag van het gewone leven kunnen we dat soms maar moeilijk geloven. De bijbelstudie Als God voor ons is helpt je om weer te ontdekken wie God is, hoe we gered worden en hoe de Geest ons leidt. De hele brief aan de Romeinen wordt gelezen, maar doordat je Romeinen 8 vers voor vers leest, begrijp je dit hoofdstuk beter en kun je alles heel persoonlijk toepassen. Zodat je uit gaat roepen: ‘Als God voor mij is, wie zal tegen mij zijn?!’


