In Lukas 7 lees je over de vrouw die Jezus’ voeten zalft. Stel je het eens voor… De deuren van het huis van Simon de farizeeër staan open terwijl Jezus de maaltijd deelt met andere farizeeërs. Plotseling wordt die onderbroken door een vrouw. Haar naam is onbekend; ze noemen haar ‘zondares’. De zonden die ze had gedaan, waren blijkbaar bekend bij het hele volk. Hoe durft ze binnen te komen?
Toch stapt ze de volle kamer in met een albasten fles in haar handen. Iets in haar drijft haar kennelijk meer dan wat de mensen over haar denken. Voor het oog van alle mannen die aan de tafel liggen stapt ze op Jezus af, gaat achter Hem staan en begint te huilen. Wie is deze vrouw, waarom doet ze dit? En wat zegt Jezus over haar?
Het is goed mogelijk dat de vrouw Jezus al eerder is tegengekomen. Het blijkt dat ze wist dat Hij bij Simon ging eten, want ze komt met een reden binnenstappen: ze wil haar liefde voor Jezus uiten. Als ze huilt, druppen de tranen van liefde, dankbaarheid en berouw op de voeten van Jezus. Ze knielt neer en begint zijn voeten met haar haar af te drogen. Ze kust ze en zalft ze met mirre uit haar albasten fles.
Simon staat perplex door wat er voor zijn ogen in zijn huis gebeurt. Jezus zegt het dan wel niet hardop, maar Hij wéét wat Simon denkt: als Jezus echt een profeet was, zou Hij zich toch niet laten aanraken door zo’n zondares?
Voordat Jezus zich tot de vrouw richt, noemt Hij eerst Simon bij de naam: ‘Simon, Ik heb u iets te zeggen.’ Niemand doorziet de situatie, maar Jezus heeft haarscherp door wat hier gebeurt. Hij begint een gelijkenis te vertellen over twee schuldenaars van wie de een vijfhonderd penningen en de ander vijftig penningen schuldig was aan de schuldeiser. De schuldeiser scheldt hun uiteindelijk allebei de schuld kwijt. De mannen kijken Jezus aan. Wat bedoelt Hij hier toch mee? Jezus stelt Simon de vraag: ‘Wie van hen zal de schuldeiser die hen vrijspreekt meer liefhebben?’ Simon antwoordt en zegt: ‘Degene aan wie het meest is kwijtgescholden.’ Jezus knikt; het antwoord is juist.
Terwijl Jezus in gesprek blijft met Simon keert Hij zich naar de vrouw en kijkt haar aan. Hij dwingt Simon als het ware ook naar deze vrouw te kijken en zegt: ‘Zie je deze vrouw?’ Alle ogen zijn op haar gericht. Niet om haar te vernederen, maar om te zien wat Jezus ziet. Jezus begint met het schetsen van het gedrag van Simon tegenover het gedrag van deze vrouw (Luk. 7:44-46). Alles wat Simon als gastheer had kunnen doen, heeft hij niet gedaan. Alles wat de vrouw níét had hoeven doen, omdat Jezus niet haar gast is, heeft zij gedaan. Zij waste zijn voeten met haar tranen en zalfde ze met mirre; zij kuste zijn voeten onophoudelijk, terwijl Simon Hem geeneens een welkomstkus had gegeven.
Jezus laat zien wat haar drijft: liefde. Waarom? Iedereen die haar ‘zondares’ noemde had gelijk; ze had onnoemelijk veel dingen gedaan die onrein en tegen de wet van God waren. Maar deze Jezus sprak haar daar vrij van. Ze kreeg geen genade omdat ze liefde toonde, maar ze toonde liefde omdat ze genade had ontvangen. Jezus had haar zonden vergeven, dáárom had ze Hem lief.
En daar staat ze met Simon én Jezus in dezelfde ruimte. Hoe toont zij haar liefde voor Jezus? Door onophoudelijk te glimlachen en vrolijke liederen te zingen? Nee, het zijn dit keer tranen van liefde. Liefde die wel gepaard moet gaan met ontzag en het verlangen om te knielen voor deze Jezus. Liefde die haar ertoe zet al haar geld uit te geven aan mirre om daarmee de voeten te zalven van degene die haar heeft gered. Liefde die niet springt, maar knielt. Liefde die zich enkel en alleen richt op Jezus. Niet op wat Hij haar te bieden had, niet op geluk, genezing of voorspoed. Deze liefde was enkel gericht op Jezus. Hij had haar vergeven en het enige wat ze Hem daarvoor kon brengen was liefde.
Tekst: © Kom en zie (Zij Lacht; Maartje Kok)
Kom en zie is een veertigdagenboek dat woorden geeft van verstilling, verscherping en vertroosting, om zo in deze veertigdagentijd je ogen te richten op Jezus. Het zien op Jezus doen we door te kijken door de ogen van de gelovige van vroeger en nu. Wat zagen zij van Jezus en wat zegt ons dat? Deze veertig dagen ga je op weg en kijk je naar Jezus door middel van overdenkingen, gedichten, vragen en opdrachten. Zo leer je in deze dagen zien wat het betekent dat Christus ons lief heeft gehad tot in de dood. Eén ding is zeker: we zullen nooit uitgekeken raken.


