Je ogen zijn de spiegel van je hart. Wanneer je iemand in de ogen kijkt kun je vaak veel zien: emoties, vragen, onzekerheid. Durft iemand je aan te kijken? Of ontwijkt iemand je blik? Mag je iemand in de ogen kijken en op je in laten werken wat je ziet? Of liever maar niet… Mag jij jezélf in de ogen kijken? En wat zie je dan?
Ik sta voor de spiegel en bekijk mijn spiegelbeeld. Ik kijk naar mijn huid, de glooiende vorm van mijn neus, mijn mond die zich in de hoeken omhoog krult. Ik kijk mezelf in de ogen. En zie… Tsja, wat zie ik eigenlijk wanneer ik naar mezelf kijk? Er is een verschil tussen kijken en zien. Ik kan om me heen kijken en dingen in me opnemen. De dingen die ik bekijk krijgen echter pas betekenis wanneer ik ze zie. Pas dan geef ik er betekenis en een oordeel aan. Als ik mezelf bekijk zie ik dingen die ik mooi en minder mooi vind. Dan zie ik mijn mooie mond, mijn mooie neus en mijn helder blauwe ogen. Ook zie ik mijn huid die door de acne behoorlijk is toegetakeld en nog altijd niet geheel is hersteld. Of zie ik hoeveel rustiger mijn huid al is ten opzichte van 10 jaar geleden?! Het is maar net waarop ik de focus leg. En misschien ook wel wát ik juist wil zien.
Je ogen zijn de spiegel van je hart. Zo vaak is dat wat ik zie een bevestiging van wat er in mijn hart al leefde. Wanneer ik onzeker ben, zie ik alles vaak negatief. Die negatieve gedachtes worden voor mijn idee bevestigd door wat er om me heen gebeurt of juist níet gebeurt. Ik voel me alleen en het feit dat niemand me die dag vraagt hoe het met me gaat, bevestigt me dat ik er echt alleen voor sta. Ik word afgewezen door een jongen met wie ik een tijdje heb gedatet en al snel zie ik dat als een bevestiging dat ik niet mooi en leuk genoeg ben. Alles zie ik door mijn eigen, negatieve bril.
De vraag die ik mij elke keer weer moet stellen is of mijn perspectief wel juist is. Is de manier waarop ik het leven bekijk wel juist? Uiteindelijk kom ik altijd tot de conclusie dat mijn zelfbeeld vaak zo wordt beïnvloed door mijn eigen interpretatie en niet door het beeld dat God, mijn hemelse Vader, van mij heeft. Ik mag mijzelf bekijken en zien vanuit Zijn perspectief. En dat beeld is vaak zo totaal anders dan het beeld dat ik van mijzelf heb. Of de eisen die de maatschappij aan mij stelt. Hij is namelijk degene die mij heeft gevormd in de buik van mijn moeder. Hij heeft mij gewild zoals ik ben. Ik ben Zijn dochter, Hij is mijn Koning. Dat maakt mij een Koningsdochter.
Omdat Hij alles voor mij heeft gegeven, mag ik mijzelf teruggeven aan Hem. Ik mag ten volle leven tot eer en verheerlijking van mijn Koning. En voor mij begint dat met het aanvaarden van mezelf. Ik mag tevreden zijn met alle vormen en eigenaardigheden die ik met mijzelf meedraag. Met de talenten die God mij heeft gegeven en waarin ik mijzelf mag ontwikkelen. Ik pas ervoor mijzelf te zien vanuit mijn eigen blik. Of mijzelf te meten aan de maatstaf die de media ons oplegt. Ik kies er daarentegen voor om mezelf te zien door Gods ogen: Hij heeft mij gevormd, precies zoals Hij dat wilde.




