Hij meer, ik minder

9 januari, 2018

Goede voornemens, ze zijn er in alle soorten en maten, maar over het algemeen nemen de meesten zich voor om te minderen. De een laat weten minder te gaan snoepen. De volgende besluit minder te kopen. Weer een ander is van plan minder afval te produceren. Een vierde gaat zijn best doen om minder te wegen. En wie wil er nu niet minder bezig zijn met schermpjes? Maar ja, ik ben altijd al een beetje tegendraads en niet zo zuinig geweest, dus dit alles past niet zo bij me. Daarom is mijn voornemen dit keer niet minder; ik ga dit jaar voor méér.

Meer geven; dat prijkt ergens bovenaan. Natuurlijk zou dat helemaal niet op mijn lijstje moeten staan en al lang een goede gewoonte moeten zijn, maar om de een of andere reden gaat het niet zo vanzelf. Dat wil zeggen, aan hen die het écht nodig hebben; wat mezelf betreft, heb ik er vreemd genoeg nooit zo veel last van en dat terwijl ik weet dat ik daar niet gelukkig van word. Daarom hangen er dit jaar boven mijn bureau een paar Bijbelteksten, zoals: Geven maakt gelukkiger dan ontvangen; Een gulle gever zal gedijen; Geef, dan zal je gegeven worden, want de maat die je voor anderen gebruikt, zal ook voor jullie worden gebruikt.

Meer geloof; dat mag niet ontbreken, want daar kan ik áltijd wel meer van gebruiken, omdat de twijfel binnen in mij onuitroeibaar schijnt. Steeds weer weet hij een gaatje in mijn overtuiging te knagen, met als gevolg dat alles wat ik zeker dacht te weten op zijn grondvesten schudt. Om meteen goed van start te gaan, besloot ik als eerste iets te doen aan die gaatjes en daarvoor ging ik te rade bij de Meesterbouwer Zelf. Zijn oplossing voor alle gapende onzekerheden bestond uit een plamuur van beloften, zoals ‘Ik bid voor je dat je geloof niet zal ophouden’. Aan mij nu de taak om daar elk gaatje mee te vullen.

Meer vrucht; dat staat er ook op, omdat ik vaak vooral blad zie, als ik mijn takken in de geestelijke spiegel bekijk. Staat niet onaardig, maar het gaat natuurlijk om de vruchten en die zijn niet altijd zo dik gezaaid. Daarom ben ik van plan om mijn wortels de komende tijd dieper uit te slaan, in de hoop dat ik tegen het najaar een rijke oogst van liefde, vreugde, vrede, geduld, vriendelijkheid en goedheid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing plukken kan, en wat meer lijk op die ene boom, die vrucht draagt op zijn tijd en waarvan alles wat hij doet tot bloei komt.

Meer vertrouwen; daar wil ik dit jaar zeker aan werken, en dus heb ik een aantal doelen op papier gezet. Zo wil ik op God leren bouwen, in plaats van op mijn eigen inzichten te steunen en me op dagen als alles tegenzit, vasthouden aan de belofte dat Hij mijn geluk voor ogen heeft. Ook wil ik me geen zorgen maken voor de dag van morgen en me niet bezorgd afvragen wat ik eten of drinken moet, in het geloof dat Hij daarvoor zorgt. Maar bovenal wil ik erop vertrouwen dat Hij altijd bij me is en me nooit zal vergeten, omdat mijn naam in Zijn hand staat gegrift.

Meer schitteren; dat is ook iets wat ik op mijn lijstje hebt gezet. Niet om mezelf in de schijnwerpers te zetten, maar God alleen, omdat heel de wereld moet weten hoe onvoorstelbaar geweldig en liefdevol Hij is. Om dat te bereiken ga ik mijn best doen om dit jaar te zijn als een lamp en te schijnen te midden van de duisternis, in het verlangen dat mensen door mijn licht hét Licht zullen zien. Ik wil gehoor geven aan Gods opdracht: ‘Sta op en schitter, je licht is gekomen, over jou schijnt Mijn luister!’

Nog heel veel zou ik aan dit rijtje kunnen toevoegen, want ik wil nog ook meer bidden, meer stil zijn, meer luisteren, en meer loven, en ga zo maar door.

Maar wat ik het allerliefste wil, is meer (van) God in mijn leven en – goed, eentje dan – mínder van mezelf.

Reacties

nieuwe reacties


Een stationnetje? Superhelden
Een stationnetje?
Superhelden