Genieten

Geniet! Maar hoe doe je dat als er reden genoeg is om niet blij te zijn of omdat je de rust niet voelt om te ontspannen? Geloof het of niet, de Bijbel zegt het al: trek mooie kleren aan en wees vrolijk! Zet alle excuses aan de kant en durf te lachen, te relaxen, eens even helemaal niets te doen.

debijbel.nl/advent

Mijn droomprins

Als single vrouw droom je uiteraard maar van één ding: een prins op het witte paard. Althans, ik wel. Tot zo’n jaar geleden had die van mij een bos vuurrood haar, blauwe ogen om in te verdrinken, een heel schattig baardje, geld genoeg om in te zwemmen en, zoals het een prins op het – in zijn geval bruine – paard betaamt, geen vriendin. Maar toen brak 8 november 2016 aan. De dag dat mijn wereld instortte: mijn droomprins had een droomprinses gevonden. And it wasn’t me. Onder ons gezegd: ik heb tranen met tuiten gehuild en dat niet alleen, mijn neus had het ook zwaar te verduren. Om nog maar te zwijgen over alle dozen tissues die ik die weken heb geconsumeerd. Maar hoeveel tranen ik ook vergoot, het hielp niets. Sterker nog, het werkte klaarblijkelijk aanstekelijk, want mijn droomprins kreeg het ook zwaar te pakken. Alleen was hij besmet met een ander virus; waar ik wegkwijnde van liefdesverdriet, werd hij met de dag verliefder. Dat was de druppel. Zonder hem veel geluk te wensen, zette ik mijn prins uit mijn hoofd en besloot op jacht te gaan naar een nieuwe. Zonder rood haar en zo. Met dat soort onbetrouwbare mannen had ik het helemaal gehad. Dit keer zou mijn droomprins… bruinharig zijn. Of blonde krullen hebben. Of misschien zou ik voor de verandering eens gaan voor kaal. Zo’n glimmende biljartbal is best aantrekkelijk, toch? Maar juist toen ik er na maandenlang prakkiseren eindelijk zo’n beetje uit was hoe mijn volgende droomprins eruit moest zien, diende er zich een ander aan. En hij voldeed aan geen één van al mijn criteria. Rijk was-ie volstrekt niet en hij deed niet aan toekomstdenken. ‘Maak je geen zorgen over morgen,’ zei hij. ‘Bewaar die zorgen maar voor morgen.’ Ook een wit paard was nergens te bekennen; in plaats daarvan verplaatste hij zich liever te voet, vertrouwde hij me toe. Of – houd je vast – op een ezel! Van chocolate chip cookies, cheesecake en milkshakes had hij nog nooit gehoord. Nee, hij hield meer van sprinkhanen, een visje of olijven. Verder had hij niets met dure kleren of chique schoenen. (Voor als je denkt: wat maakt dat nu uit? Ik ben dól op mannen met mooie molières.) Weet je waar zijn garderobe uit bestond? Sandalen, een paar linnen onderkleden, een leren gordel en alsof dat alles nog niet erg genoeg is, was zijn favoriete kledingstuk – ik maak geen grapje – een mantel van kameelhaar. Kortom: verre van ideaal. Maar toch… viel ik als een blok voor hem. Stapelverliefd was ik, en nog steeds. Snappen doe ik het niet helemaal, maar hij is gewoon zó ontzettend ridderlijk. Sinds we elkaar echt hebben leren kennen, is hij nog geen moment van mijn zijde geweken en hij beschermt me als een schild. Daarbij is hij zo sterk als een rots en hij zorgt voor me, zoals een herder voor zijn schapen. En wat hij allemaal zegt… Zo lief! Zoals: ‘Ik heb je altijd liefgehad, mijn liefde zal je altijd vergezellen.’ ‘Jij bent zo kostbaar in mijn ogen, zo waardevol.’ ‘Niets zal je kunnen scheiden van mijn liefde.’ Onweerstaanbaar natuurlijk, zo'n liefde, en al is hij dan totaal anders dan het beeld dat ik had van mijn toekomstige bruidegom, ik wil toch niets liever dan zijn bruid zijn. Vanaf nu droom ik dan ook nog maar van één prins – dé koningszoon. Jezus. Droom je mee? N.a.v. Droom!, een creatief dagboek voor de adventstijd, waarin je wordt uitgedaagd om (weer) te gaan dromen en gaat ontdekken hoe jouw dromen gaan rijmen met die van God. Elke dag sta je even stil bij jouw en Gods dromen, aan de hand van een korte overdenking en dit krijgt extra betekenis of letterlijk vorm met biblejournaling- of handletteringopdrachten. Zo leef je bewust toe naar de komst van Jezus. Droom je mee?


Stikjaloers

Ik moet iets bekennen. Ik durf er bijna niet voor uit te komen, maar ik moet het kwijt. Ik ben jaloers. Ik ben stikjaloers, op het onredelijke af. Mijn man kan erover meepraten. Waar ik dan zo op jaloers ben? Nou, in dit geval betreft het mijn buurman. Of om precies te zijn: de stokrozen van mijn buurman. En hij heeft niet één stokroos, nee, hij heeft er een heleboel. Aan de zijkant van zijn tuin staan ze uitdagend te pronken. Elk jaar weer. De prachtige bloemen staan uitdagend te wiegen in de wind. In allerlei kleuren, van zachtroze tot dieppaars. En je begrijpt vast al, ik wil ze ook! Ik zie ze al staan in mijn tuin. Met mooie, lange stelen, die de schutting aan het zicht onttrekken. Grootmoedig als mijn buurman is, gaf hij mijn een bakje met stokrooszaadjes. Zaadjes van zijn eigen bloemen. Kwistig strooide ik ze uit in mijn tuin. Maar er gebeurde niets. En ja ik weet, ze hebben even tijd nodig om op te komen, maar het jaar daarop gebeurde er nog niks. Elk sprietje dat opkwam, liet ik groeien, in de hoop dat het een stokroos was. Maar elke keer kwam ik er mismoedig achter dat het weer om onkruid ging. Ik stopte de zaadjes in potten, legde ze in een bedje van nat gaas, deed ze in een bakje met water. Ik zette een pot in de vensterbank, op zolder. Niets hielp. Er kwamen geen stokrozen. Toen besloot ik het professioneler aan te pakken, ik kocht een zakje met stokrooszaadjes bij het tuincentrum. Die moesten goed zijn, toch? Maar het hele proces herhaalde zich: ik kreeg hetzelfde resultaat. Geen stokroos. Vervolgens vond ik een stokroosplant bij een tuincentrum en helemaal gelukkig nam ik hem mee naar huis. Ik zette hem een prachtig hoekje. Het eerste jaar liet hij een enkele bloem zien. Maar ik liet me niet ontmoedigen. Volgend jaar beter, dacht ik. Maar het hoopje stokroos kwijnde het jaar daarop langzaam weg. Nu is het weer herfst en zelfs de stokrozen van mijn buurman verliezen langzaam hun laatste bloemen. Mismoedig tuur ik uit het raam naar mijn eigen tuin. Zo in de herfst is het een rommeltje. De planten kleuren bruin of verliezen hun blad. Maar toch, als ik eraan denk hoe prachtig het eruit heeft gezien in de zomer. Al die prachtige bloemen, hortensia’s vol in bloei, mijn Toscaanse jasmijn, die heerlijk geurde… Wat heb ik eigenlijk te klagen? Waarom ben ik jaloers? Ja, het is nu een beetje rommelig. Ja, ik heb geen stokrozen. Maar het is wel mijn tuin en het is een prachtige tuin.


Het geheim van hygge

We hebben het druk, ons hoofd draait overuren: vergeet die lunchafspraak met de familie niet, beantwoord de drie e-mails van klanten, maak een afspraak bij de tandarts… We gaan maar door en soms nét iets te lang. Steeds meer mensen zijn zich bewust van dit gevaar en gaan op zoek naar een oplossing; een oplossing die gelukkig maakt. Een steeds bekendere manier is hygge, de Deense sleutel tot geluk. De mindstyle hygge – je zegt: ‘huuke’ – vormt de Deense variant op het Nederlandse begrip ‘gezelligheid’. Waar wij Nederlanders het woord wél kunnen vertalen, vinden de Denen dat zelf onmogelijk. Voor hen heeft het te maken met sfeer, interieur, cake en samenzijn: met warme chocolademelk op de bank, frisgewassen lakens op je bed, een vogeltje dat voorbijvliegt als je door het bos wandelt… In alles zit hygge. In Kopenhagen zoeken we verder naar het antwoord op de vraag: wat is hygge precies? Een goed begin Hygge is niet moeilijk. We merken het wanneer we de ramen opengooien en de frisse buitenlucht inademen. Hygge betekent het mooie zien in de normaalste dingen die je doet, zoals genieten van de fijne ochtendzon en van de wind door je haren. We zijn dan ook vastberaden om hygge in Kopenhagen te ontdekken. Op aanraden van onze host vertrekken we naar het Designcafeen, zo’n 100 meter verderop. Een jonge, Deense vrouw verwelkomt ons vrolijk. Als we niet veel later smullen van een heerlijk ontbijt, stappen vier vrouwen naar binnen. Ze nemen plaats aan een gereserveerde tafel. Ze kletsen, laten hun baby’s aan elkaar zien en voeden ze aan de borst. Niemand die er gek van opkijkt. Het Designcafeen kent een tolerante, open en knusse sfeer en vormt een goede start van onze dag; echt hygge. Paraplu van diversiteit We vervolgen onze zoektocht en gaan naar een African Hygge Meeting. Een drukke samenkomst van mensen van verschillende culturen. Er klinken drums en gezang op de achtergrond en er wordt gedanst. Om het feest compleet te maken, sieren kraampjes de buitenranden van het terrein. De Deense Hansen staat achter zo’n kraampje en vertelt: ‘Het is relaxed. Hier komt iedereen samen. Niets moet en alles mag, is de mentaliteit.’ Een Afrikaanse man die hem herkent van voorgaande jaren, omhelst hem vriendschappelijk. Hansen: ‘Hygge is een paraplu waar alle wereldse diversiteiten onder vallen. We mogen allemaal onder die paraplu schuilen.’ Lekker eten Hygge kent eigenlijk twee kernpunten. Enerzijds het genieten van de kleine dingen en het creëren van mooie momenten, anderzijds de sociale cohesie in een samenleving, zoals te zien is op de African Hygge Meeting: verschillende culturen, mensen uit allerlei hoeken van de maatschappij, die samenkomen om hygge met elkaar te delen. Lekker eten en drinken is een belangrijk onderdeel van de Deense cultuur, wat natuurlijk ook weer onder hygge valt – het genieten van de kleine dingen. We fietsen door de straten van Nyhavn naar de Christianshavn. Hier aan het water ligt Papirøen, een bekende foodhall. Het industriële pand is volgestouwd met verschillende soorten eetkraampjes. Van nasi en falafel tot een frietje met kibbeling; alles is er te vinden. Met een lekker drankje en wat te eten in onze handen, zoeken we een plekje in de gezellige drukte. Delen Waar mindfulness vaak draait om rust en tot jezelf komen, gaat hygge juist om het delen van momenten met elkaar: sámen de gezelligheid opzoeken en een fijne avond beleven met warme chocolademelk of andere versnaperingen. Ook het delen van avondeten valt hieronder. Dit laatste blijkt als we later die avond een bezoek brengen aan het buurthuis van de wijk waar we verblijven. Een van de buurtbewoners heeft gekookt en mensen uit de hele straat eten mee. We raken aan de praat met Suzette, haar vriend Søren en hun drie kinderen. Echte Denen en échte hygge-kenners. Thee en snaps De familie nodigt ons uit bij hen thuis. Onder het genot van thee en koekjes praten we over kinderseries die we vroeger keken en over de wijze waarop Deense kinderen omgaan met hun leraren. Niet veel later staat de snaps van de buurman op tafel. Met deze Deense sterke drank die in onze kelen brandt, wordt de avond nog gezelliger. Volgens Ida, de vijftienjarige dochter, beleven we nu écht hygge. Een goed gesprek met een lekker drankje, koekjes en een berg gezelligheid; aan tafel met kaarslicht en een hond die graag met je knuffelt. Ida: ‘Hoe hygge wil je het hebben?’ Gedurende onze zoektocht hebben we leuke, mooie, maar vooral bijzondere dingen meegemaakt. De conclusie: hygge is alles waar jij dat ‘gezellige’ gevoel bij krijgt. Je hoeft het niet te doen of te maken, je moet het zien en voelen op het juiste moment. Thee en cake maken dat natuurlijk wel iets leuker! Tekst: © Suzan van Loenen, Isa Schill, Fabiënne van Laar en Deborah de Meijer De nieuwe THUIS heeft als thema 'sterke vrouwen' en het nummer staat dan ook vol inspirerende interviews met sterke vrouwen. Maar je vindt erin ook praktische artikelen en Bijbelstudies over hoe je zelf stevig(er) in je schoenen kunt gaan staan. Als vrouwen mogen we elkaar daarin stimuleren! Verder veel lekker-lees-artikelen, een reisreportage uit Nieuw-Zeeland en lekkere recepten met echte Hollandse wintergroenten. En natuurlijk ook weer veel creatieve en ontspannende tips: laat je ziel boemelen met een leuk creatief project, een fijne wandeling of een mooi boek. Met een extra boekje met overdenkingen van Sarianne van Dalen en creatieve verwerkingen van Kris Bossenbroek.


Jantje huilt, Jantje lacht

Ik was wat verward de afgelopen tijd. Ik had laten weten dat ik even rustig aan moest doen, even herstellen van een periode die veel impact heeft (gehad) op mijn mens-zijn. Maar hoe herstel je van zoiets? Rust nemen of toch doorgaan? ‘Rustig aan doen, denk aan jezelf!’ kreeg ik vaak te horen en na deze mededeling had ik vaak het gevoel dat ik overgeleverd was aan het lot van nietsdoen en sip kijken. Werd dat van mij verwacht? Ik was zoekend naar de wijze waarop ik door de pijn heen toch de vreugde van God kon ervaren. Tegelijk hoorde ik de stem van veroordeling: Saar, je bent een ‘Jantje huiltje, Jantje lacht’. Je bent niet evenwichtig. Een stem die mij afkeurde. Want inderdaad, ik ben een ‘Jantje huilt, Jantje lacht’. En meteen kwamen de vragen… Heb ik misschien het Jantje-huilt-Jantje-lacht-syndroom? Ben ik misschien niet goed snik? Maar ik heb iets moois geleerd. Ik heb geleerd dat het Jantje-huilt-Jantje-lacht-syndroom prachtig is als je er goed mee kunt omgaan. Soms is het verwarrend voor mijzelf en ook voor mijn omgeving dat ik zo’n wisselvallige stemming heb, maar het is een manier om het leven te leven. De bergen en de dalen met aandacht beleven, houdt in dat je omarmt wat er op dat moment is. Laat je dus niet van de wijs brengen als je emoties zo wisselend zijn. Ik heb het Jantje-huilt-Jantje-lacht-syndroom. Ik wil rauwe randen van het leven niet inslikken of wegmoffelen en ik kan vreugdevolle momenten niet oppervlakkig beleven. Het lijkt tegenstrijdig, maar lijden en vreugde horen bij elkaar. Net zoals zon en duisternis ook nog bij elkaar horen. Nog zo’n tegenstrijdig gevoel heb ik als ik samen met mijn man hardloop in het bos. Eerst de tegenzin om mijn hardloopschoenen aan te trekken, de gedachten om moe te worden, maken me bij voorbaat al moe. Maar wat kan ik genieten van het samen plezier maken, het samen doorzetten en door de vermoeidheid heen komen om uiteindelijk een opgeruimde geest en een soepel lijf te ervaren. Hardlopen, dansen, zingen, wandelen… Het zijn voor mij uitlaatkleppen (geworden), die me helpen om zowel het lijden als de vreugde met mijn ziel te verbinden. Het voelt soms zo tegenstrijdig en toch hoort die tegenstrijdigheid bij het gebroken leven. Jantje huilt, Jantje lacht. It’s life. It’s real. It’s alright. Veroordeel jezelf niet, maar ga op zoek naar de manier waarop jij op een gezonde manier met dit syndroom om kunt en mag gaan. God glimlacht vast als Hij door jouw tranen heen jouw glimmende ogen ziet. Want die glimlach is een diepe vreugde die voortkomt uit de Bron. De Bron Die hemels is. Een Bron Die nooit opdroogt. Een Bron Die ons hoop geeft voor de toekomst, omdat Die, als jij thuiskomt, volop door je heen zal stromen.


Vriendinnetje Sabien

Toen onze oudste dochter Linde drie jaar oud was, had zij een vriendinnetje dat volledig door haar was verzonnen. Een leuk zwart meisje met kleine, zwarte krulletjes en een rood jurkje. Als we ergens naartoe gingen, vroeg ze: ‘Mag Sabien ook mee?’. Of als er een vriendinnetje aanbelde om met haar te spelen, zei ze: ‘Nee, vandaag niet, ik speel nu met Sabien.’ Destijds vond ik het wel schattig, maar eigenlijk ook een beetje eng. Dit moest wel overgaan… en dat gebeurde ook. Omdat ik dit stukje ging schrijven, vroeg ik mijn dochter naar Sabien, maar ze kon zich van dat vriendinnetje inmiddels helemaal niets meer herinneren. Ze fantaseren wat af, die kinderen. Prachtig om te zien en om stiekem naar te luisteren als ze aan het spelen zijn en helemaal in hun rol zitten. Ouders die mij inschakelen om hun scheiding te regelen, merken ook vaak dat hun kinderen fantaseren over van alles en nog wat, maar vooral over de scheiding. Kinderen denken vaak dat de scheiding hun schuld is en dat het nooit gebeurd zou zijn als ze zich wat beter hadden gedragen. Of ze denken dat hun ouders wel weer bij elkaar zullen komen. Kinderen die dat denken, hebben vaak grote moeite met een nieuwe partner. Hun fantasieën over de hereniging van hun ouders worden dan wreed verstoord. Of ze ontwikkelen gedragsstoornissen, omdat ze onbewust hopen dat hun wangedrag hun ouders weer naar elkaar toe zal drijven. Om deze redenen bespreek ik met ouders dat het van groot belang is dat zij samen een gesprek voeren met hun kinderen, waarin zij niet alleen vertellen dát ze gaan scheiden, maar ook dat de scheiding helemaal níéts met de kinderen te maken heeft. En, vertel ik ouders, het is pijnlijk, maar wees heel duidelijk over het feit dat dit niet meer goed komt en dat de kinderen daar niets aan kunnen veranderen. Aan de andere kant, zeg ik ook vaak, is het van belang dat kinderen het gevoel houden dat hun fantasie er mag zijn, zelfs als je je er als ouder ongemakkelijk bij voelt. En dan maakt het niet uit of ze nu over een verzoening tussen hun ouders fantaseren of over een klein, zwart meisje dat Sabien heet! Als je gaat scheiden, is er veel pijn en verdriet, maar ook veel onzekerheid. Hoe moet je verder met je leven? Wat kun je verwachten in het verwerkingsproces? En hoe kun je de kinderen hier het beste doorheen helpen? Maar ook: wat betekent God in dit alles? Met Leven met scherven willen de auteurs je helpen om een begin te maken met de verwerking van een echtscheiding. Heel zorgvuldig en meevoelend word je op weg geholpen en krijg je alle praktische informatie die je nodig hebt. Aan bod komen onderwerpen als verlies en rouw, omgaan met kinderen, je ex en schoonfamilie, maar ook juridische thema’s als mediation, ouderschapsplan en financiën. Het boek bevat verwerkings- en bezinningsvragen met schrijfruimte. Zo kun je je ervaringen van je af schrijven.


Het betere planwerk

Op mijn werk werd een cursus aangeboden: Getting Things Done. Niet dat ik normaal niets gedaan krijg, maar deze cursusmeneer beloofde dat het allemaal nog beter en vooral efficiënter zou kunnen. Zijn uitgangspunt was: wanneer je goed overzicht hebt over al je afspraken en actiepunten, is je hoofd vrij voor andere – creatieve – dingen. Nu ben ik nogal van het plannen, dus deze cursus was me op het lijf geschreven. Ik volgde de adviezen van de cursusmeneer op en hé, al die dingen die normaal gesproken in mijn hoofd rondzweefden, stonden nu netjes op een rijtje. Daardoor popten ze niet meer op de meest gekke momenten omhoog, om om aandacht te vragen wanneer dat niet gelegen kwam. Hallo, controlegevoel. Of ik nu meteen veel productiever ben geworden? Het voelt in ieder geval wel zo. Ook thuis houd ik de touwtjes graag stevig in handen met strakke planningen. Op zaterdag maak ik first thing een eetplanning voor de hele daaropvolgende week. Voor ontbijt, lunch én avondeten. Op zondag nemen manlief en ik de week door en worden onze agenda’s gesynchroniseerd. In mijn bulletjournal houd ik per week een to-dolijstje en boodschappenlijstje bij; als er iets in me opkomt – pakjes die verstuurd moeten worden, cadeautjes die gekocht moeten worden, biebboeken die teruggebracht moeten worden – schrijf ik het daar meteen in op. Inderdaad, hetzelfde principe als die werkcursus: uit m’n hoofd, in m’n notitieboekje (of agenda, dat kan natuurlijk ook). Een soort extern geheugen dus. De to do’s groepeer ik bewust per week en niet per dag. Anders is het zo demotiverend als ik die dag een telefoontje moest plegen en het niet gelukt is. Dingen die echt op die dag moeten gebeuren, noteer ik juist bij die dag zelf. Dan heb ik ook nog een tracker, waarin ik de dingen bijhoud die ik elke dag moet of wil doen, zoals mijn fysio-oefeningen en het lezen in mijn dagboek. O ja, en ik heb ook nog maand- en jaarplanningen… Het klinkt misschien als veel werk, maar voor mij is het betere planwerk echt onmisbaar om de rust in mijn hoofd en in mijn leven te bewaren. Ik ren minder achter mezelf aan, omdat ik weet wat ik wanneer moet doen. Een blik op mijn planning is genoeg om thuis te komen met de juiste boodschappen, ’s ochtends de goede werkpapieren in mijn tas te stoppen en geen verjaardagen te vergeten. Dit geeft me een gevoel van rust en voorkomt het gevoel dat ik steeds iets vergeet, of eigenlijk iets anders had moeten doen. Ik dacht dat ik alles op-en-top had gepland, maar nu blijkt dat ik toch nog iets vergeten ben. De laatste tijd kwam ik steeds vaker een nieuw geluid tegen: ontfocus! Relaxen dus. Soms moet je gewoon even helemaal nietsdoen, om te kunnen resetten. Minder focus, meer effect, is het boek wat hieraan ten grondslag ligt. Het idee is dat aanrommelen en nietsdoen juist heel goed voor je is en op lange termijn veel positieve effecten heeft. Ik plan dus voortaan niet alleen al m’n taken, maar ook mijn relaxmomenten. En dan probeer ik om dan níét stiekem de was op te vouwen. Beloofd.