Groeien

Wie wil leven, moet zich ontwikkelen en groeien. Iets inleveren om verder te komen, dat is soms pijnlijk! De Bijbel legt een link naar de natuur: soms snoei je een mooie struik terug, zodat hij nog groter kan worden. Ook wij moeten soms gesnoeid worden om vervolgens weer verder – en groter – te kunnen groeien. Durf jij te geloven in groei?

Vogelvrij

BIJBELGEDEELTE Wanneer de Zoon u vrij zal maken, zult u werkelijk vrij zijn! (Johannes 8:36) UITLEG Vorige week was het Pasen en stonden we stil bij de vrijheid die Jezus ons heeft gebracht door Zijn dood en opstanding. Deze week nemen we een kijkje in het leven van een vrouw die door Jezus werd bevrijd: Maria van Magdala. Wie was ze? Wat kunnen we van haar leren over vrijheid? Vrij om te dienen We komen Maria voor het eerst tegen in Lukas 8:2. Maria is afkomstig uit Magdala en was er geestelijk slecht aan toe – ze was bezeten door maar liefst zeven demonen. Op zekere dag, komt Jezus haar leven binnen en bevrijdt haar van deze boze geesten (lees ook Markus 16:9). Vanaf dat moment neemt haar leven een andere wending. Ze besluit Jezus te volgen ‘van stad tot stad en van dorp tot dorp’ (Lukas 8:1) en dient ze Hem door zich in te zetten voor het Koninkrijk van God – simpelweg door voor de Heer en Zijn volgelingen te zorgen. Zo eenvoudig kan het dienen van God zijn. Inzetten wat je hebt en doen wat voor handen ligt. Vrij door het kruis Dan horen we een tijdje niets meer van haar. Pas een jaar of drie later komen we haar weer tegen. Ze is Jezus gevolgd van Jeruzalem naar Golgota (Matteüs 27:56) en is daar getuige van Zijn dood. Samen met vele vrouwen staat ze daar… en ziet hoe de Man Die haar het leven teruggaf, Die haar het eeuwige leven gaf, sterft. Maria beseft op dat moment waarschijnlijk niet dat ze getuige is van de laatste stuiptrekkingen van het kwaad dat haar zo lang in zijn macht heeft gehouden. Van de overwinning over zonde en dood. Van het offer dat nodig was om haar te bevrijden. Vrij om te leven Maria laat Jezus zelfs na Zijn dood niet in de steek. Ze ziet hoe Jozef van Arimatea het lichaam van Jezus in linnen wikkelt en in zijn eigen graf legt (Matteüs 27:59-61). Als Jozef naar huis gaat, blijven Maria en Maria achter. Hun liefde zoekt naar wegen om Hem ook in het graf te dienen. Dus zodra de sabbat voorbij is, komen ze terug. Met een geschenk voor hun Heer. Geurige olie om Hem te balsemen. Zelfs als Jezus Maria niets meer te bieden heeft, doet Hij niet af voor haar. Haar liefde is puur – een liefde die niets terugverwacht, maar die bereid is alles te geven. Hoe is dat met jou? Is jouw liefde voor je Heer afhankelijk van wat Hij je geeft? Of heb je Hem lief omdat Hij jou het eerst heeft liefgehad? Vrij om te getuigen Maar het graf van Jezus blijkt leeg. Alleen de steen staat daar als stille getuige naast een open graf, waar de bewijzen van Jezus’ begrafenis nog overtuigend aanwezig zijn. Maar waar is Hij? Het antwoord komt eerst van de engelen: ‘Hij is niet hier, bij de doden, want Hij is opgestaan.’ Zo moest het immers gebeuren? En even later komt het antwoord op haar vraag uit Zijn eigen mond met een wedervraag: ‘Waarom huil je? Wie zoek je?’ Als het tot Maria doordringt dat haar Heer voor haar staat, wil ze Hem vasthouden en nooit meer laten gaan. Maar Jezus’ taak op aarde zit er bijna op. Liefde is niet krampachtig vasthouden, maar vertrouwend loslaten. Zoals een vogel zijn vleugels niet kan uitslaan als je hem in je handen houdt, maar pas vrij is als je hem met geopende handen laat gaan. Maria moet Jezus loslaten zodat Hij kan terugkeren naar zijn Vader en de Heilige Geest kan sturen. Om altijd bij haar te zijn (Johannes 14:16). Ze moet Hem loslaten, zodat zij kan uitvliegen om het goede nieuws door te geven. Als eerste. De eerste bij het graf. De eerste die Jezus ziet na Zijn opstandig. En de eerste die eropuit wordt gestuurd om te getuigen dat Jezus overwinnaar is over Satan, zonde en dood. Zij is daar immers het levende bewijs van! Door Jezus bevrijd van wat haar gevangen hield. Vrij om Hem te dienen. Vrij om lief te hebben. Vrij om te getuigen. Zo vrij als een vogel! Vogelvrij! NALEVEN Maria van Magdala was een vrouw die het leven met al zijn pieken en dalen kende. Ze had de duisterste kanten gezien en was door de Heer Jezus gered om in het licht te wandelen. Ze veranderde van een gebonden vrouw, een slavin van Gods tegenstander, in een vrije vrouw, geliefd door God Zelf. En vanuit die positie als geliefde dochter van God mocht ze het leven dat nog voor haar lag, leven in een vrijheid die haar niet vrijwaarde van verdriet en moeilijkheden, maar die haar de kans gaf te worden zoals God haar had geschapen. Ook jij bent geliefd. Door God Zelf. Hij heeft jou bedacht en gemaakt. Hij heeft Zijn Zoon voor jou gegeven en wil niets liever dan ook jou bevrijden van alles wat je ervan weerhoudt je te ontplooien en te worden zoals God je heeft bedoeld. Vrij om te dienen. Vrij om lief te hebben. Vrij om te getuigen. Vrij! WIL JE MEER? Matteüs 28:1-7 Markus 15:40-41 Markus 16:1-8 Lukas 8:1-3 Lukas 24:1-12 Johannes 20:1-18 Romeinen 8   Tineke Tuinder


Alle reden tot feest!

Hij is hier niet. Want Hij is opgestaan uit de dood. (Matteüs 28: 6, BGT) BIJBELGEDEELTE De engel zei tegen de vrouwen: ‘Jullie hoeven niet bang te zijn. Ik weet dat jullie op zoek zijn naar Jezus, Die aan het kruis gestorven is. Maar Hij is hier niet. Want Hij is opgestaan uit de dood, zoals Hij gezegd heeft. Kom maar kijken, hier heeft Hij gelegen. Ga nu snel naar de leerlingen en zeg hun dat Jezus uit de dood is opgestaan. (Matteüs 28:5-7, BGT) PAASLUIK Traditiegetrouw hebben we ook dit jaar weer een Paasluik geschreven dat deze keer bestaat uit vijf korte overdenkingen van onze vaste schrijfsters. Dit jaar geen Bijbeltekst of thema als uitgangspunt, maar het favoriete paaslied van elke schrijfster. Vandaag ontvangen jullie het eindresultaat. Het is, vind ik, een heel bijzonder Paasluik geworden. Persoonlijk, herkenbaar, aangrijpend en ontroerend. We hebben hiermee op onze eigen wijze en vanuit onze eigen beleving beschreven hoe wij de Goede Week en Pasen beleven, het lijden, het sterven en de opstanding van onze Heer Jezus Christus. Hoe groots, feestelijk en bevrijdend dat feest voor ons is, elk jaar weer, elke dag opnieuw... We hopen en bidden dat ook jij die dit leest dit paasfeest voor het eerst of opnieuw als een echt feest mag ervaren – het feest van de overwinning van Jezus over zonde en dood. Het feest van de bevrijding van angst voor dit leven of voor de dood. Het feest van nieuw leven, eeuwig leven. Ik hoop dat jullie, als lezers en lezeressen, genieten van de liederen. Misschien komen ze je vaag bekend voor, misschien jubel je ze uit volle borst mee. Hoe dan ook, we willen jullie hiermee laten proeven van wat het paasfeest ten diepste betekent voor ons en ook kan betekenen voor jou. Alle reden tot feest! DAAR JUICHT EEN TOON Bekijk hier Daar juicht een toon (Sela) Daar stonden we, mijn zusje en ik. Op het podium van de – met narcissen – versierde hal van de basisschool. Wekenlang hadden we geoefend op onze blokfluit. Na schooltijd met de juf en na het avondeten thuis. De juf had gevraagd of we mee wilden spelen met het schoolorkestje, tijdens de Paasviering op de donderdag voor de vakantie. Daar juicht een toon daar klinkt een stem. Voor beginnende blokfluiters, zoals ik, was zuiver spelen nog een hele kluif. Vooral die hoge ‘a’ in de regel: Die galmt door gans Je-ru-za-lem! Het zal hoog en schril geklonken hebben – ik weet nog dat ik een extra hapje lucht nam bij de aanzet van die ene noot – maar wat gaf het? Als het maar juichte. En dat deed het, het juichte, jubelde door Jeruzalem, galmde door de hal van de school en echode in mijn hart. Het straalde van mijn gezicht. Wat beleefde ik die woorden intens: De Heer is waarlijk opgestaan! Nu jaagt de dood geen angst meer aan, want alles, alles is voldaan… Ik hoefde voor niets meer bang te zijn. Soms ben ik het weer even kwijt. De gedachte aan de dood kan me laten huiveren. De overwinning van Jezus op dood en duivel klinkt als een hoge, niet-passende toon in het muziekstuk van mijn leven. Een dissonant. Mijn verstand krijgt het niet op een rijtje, ik krijg het niet kloppend. Maar gelukkig geeft God meer dan alleen de tonen van een lied. Kijk maar om je heen op het podium van je leven. Zie je de gezichten van de mensen die de Boodschap verkondigen? Zie je de bloeiende narcissen en de schepping die opnieuw uitloopt? Het is werkelijk waar: de duivel is overwonnen, Jezus heeft overwonnen! De toon is gezet. Je hoeft het alleen maar te geloven. Ik hoef voor niets meer bang te zijn. Marlon van den Bos FEEST Bekijk hier Daar juicht een toon (Jan Zwart) Enkele maanden geleden heb ik bekend dat het kerstfeest niet zo aan mij is besteed. Degenen die dit een zorgwekkende mededeling vonden, kan ik misschien geruststellen door te vertellen dat ik het paasfeest daarentegen heerlijk vind! Wanneer ik als kind – op mijn paasbest gekleed – tussen mijn ouders in de kerk zat en luidkeels Daar juicht een toon, daar klinkt een stem mee jubelde, was de blijdschap die daaruit klonk een bijna lijfelijke ervaring. Kippenvel. Bij het verhaal over Jezus’ kruisiging had ik vaak tranen in mijn ogen, maar zo jong als ik was, voelde ik de triomf van Jezus’ opstanding: een nieuw begin na een tijd van lijden. En nog steeds ervaar ik die blijdschap tijdens Pasen. Wellicht heeft het ook te maken met de sfeer, de zon, het licht, de uitbottende natuur. Als je niet van kou en van duisternis houdt, ben je daar nu eenmaal gevoelig voor. Maar het is veel meer dan dat. Jezus overwon de dood! Geprezen zij de God en Vader van onze Heer Jezus Christus: in Zijn grote barmhartigheid heeft Hij ons opnieuw geboren doen worden door de opstanding van Jezus Christus uit de dood, waardoor wij leven in hoop. (1 Petrus 1:3) Vooral dat laatste maakt van ons bevoorrechte mensen. Want leven in hoop betekent leven met perspectief; met een toekomst. Leven in hoop betekent: leven vanuit Gods liefde. Deze hoop zal niet worden beschaamd, omdat Gods liefde in ons hart is uitgegoten door de Heilige Geest, Die ons gegeven is. (Romeinen 5:5) Dat allemaal doordat Jezus is opgestaan. Pasen, wat een feest! Femmie van Santen JUICHT, WANT JEZUS IS HEER Bekijk hier Juicht, want Jezus is Heer (Opwekking) Met het lied Juicht, want Jezus is Heer ben ik terug in mijn studietijd in Utrecht, op de bidstond aan het begin van de dag, nog voor de colleges begonnen. Ik kwam altijd vroeg aan op de universiteit, dat lag aan het openbaar vervoer, en ik had tijd over voor de colleges begonnen. Uit nieuwsgierigheid ging ik mee naar de bidstond. Ik studeerde wel net zoals de anderen Godgeleerdheid, maar echt veel van God en geloven wist ik nog niet. In het zaaltje van de bidstond kwam een groepje theologiestudenten bij elkaar. Een van m’n vrienden met een gitaar. Oei, wat kon hij dit lied toch altijd geweldig begeleiden. De muziek knalde uit zijn akoestische gitaar. Helemaal mooi werd het als dan ook de bovenstem er nog bij gezongen werd. Daar, in dat zaaltje met een paar zingende studenten kwam ik tot leven. Werd mijn geloof gewekt. Daar werd ik geraakt door het vurige zingen. Door de woorden vol van geloof. En voor het eerst in m’n leven ging ik geloven dat het waar was: dat er Eén is Die mij nooit zou vergeten. De Man uit de Bijbelse verhalen Die zulke wonderlijke dingen deed, was de levende Heer en Hij was ook voor mij een bron van levend water. Daar, in dat zaaltje met onze hese ochtendstemmen, kwam ik tot leven, stond ik op om op mijn manier licht te laten stralen in deze wereld. Niet mijn eigen licht, maar het licht van Pasen, de blinkende Morgenster. Mirjam Kollenstaart U ZIJ DE GLORIE Bekijk hier U zij de glorie (Nederland Zingt) Het was 8 december 1962. Die dag zou ik als vijfjarige iets meemaken wat ik nog nooit had meegemaakt: ik zou televisie gaan kijken. Niet thuis, want wij hadden nog niet zo’n wonderlijk kastje. Nee, we waren uitgenodigd om bij kennissen een paar straten verderop te komen kijken naar de rechtstreekse uitzending van de uitvaartplechtigheid van prinses Wilhelmina. Een aantal dingen zijn me altijd bijgebleven van die tv-uitzending. In de eerste plaats de kleur wit die Wilhelmina gekozen had voor haar eigen begrafenis. Ze geloofde in de wederopstanding en had deze kleur als voorschrift voor haar begrafenis laten vastleggen. Witte jurken, witte kleden over de paarden. Ik vond het vreemd, maar mooi. In de tweede plaats raakte mij als klein kind wat er gezongen werd – toen, en tijdens alle koninklijke begrafenissen die ik daarna gezien heb. A toi la gloire – U zij de glorie. Een bekend lied voor mij, maar nog indrukwekkender door de Franse versie en door de blijdschap die de woorden in mij opriepen. Blijkbaar was ik niet de enige van ons gezin die door de glorieuze inhoud van dit lied geraakt was; mijn beide ouders legden op hun beurt vast dat dit lied – U zij de glorie – tijdens hun eigen afscheidsdienst gespeeld moest worden door mijn broer en mij (op piano en fluit). Aan die wens hebben wij graag voldaan, zij het met de nodige emoties. Het mag duidelijk zijn dat ik dit lied nooit meer kan zingen zonder geraakt te worden door de herinneringen, hierboven beschreven, maar meer nog door de geweldige kracht die schuilgaat achter de woorden van dit bijzondere lied. Ik hoef niet bang te zijn om te sterven, want Jezus Zelf heeft de dood voor mij overwonnen! Ik mag eeuwig leven, met Hem en door Hem! U zij de glorie, opgestane Heer! Tineke Tuinder SOLI DEO GLORIA Bekijk hier U zij de glorie Voor mij is het eigenlijk iedere dag Pasen: Jezus heeft de dood overwonnen. Hij leeft en Hij is met ons! Steeds meer zie ik in dat we niet hoeven bidden ‘God, wilt U met ons zijn?’ of ‘Wilt U erbij zijn?’ of iets in die trant, maar dat we God mogen danken voor Zijn aanwezigheid. Hij is er! Bid om geopende ogen, dan is er zo veel te zien! Wij mogen iedere dag leven in de werkelijkheid van Christus’ opstanding. Hij is met ons en Zijn werk onder ons gaat door. Ik vind het geweldig om te zien hoe fijnzinnig, teder en krachtig God met Zijn Heilige Geest – de Geest van de opgestane Christus – door alles heen werkt. Pasen, ik ervaar het zo vaak in mijn werk als predikant. Het is prachtig om in samenwerking met de Heilige Geest en in de Naam van Jezus Christus de dood – alles wat vreugde, verbondenheid en kracht beknot of uitdooft – te overwinnen in levens van mensen. Hij wil er weer iets heel moois van maken. Dat doet God, dat wil Hij. Ik geloof daar rotsvast in. En voor mij is het dan ook, wat de situatie ook is: Loof God! Zelfs als de vijgenboom niet zou bloeien. Want: eens zal het anders zijn. We mogen geloven in een God Die de dood heeft overwonnen en Die ook de soms zo uitzichtloze situaties, waar wij als mensen in terechtkomen, kan ombuigen naar iets heel moois. Ik ben God dankbaar dat ik daar getuige van mag zijn in de levens van de mensen die Hij op mijn pad brengt. Een lied dat ik heel graag zing en laat zingen – en niet alleen met Pasen, maar ook op veel andere momenten – is het lied U zij de glorie. Het is vol eerbied, kracht, leven, blijdschap, overwinning! Als ik dat zing, sta ik gelijk met mijn voeten in de goede aarde: de werkelijkheid van Gods heerlijke koninkrijk in en door Jezus Christus, onze Heer. Soli Deo Gloria! Carolina Blokland Namens Sestra een heel gezegend paasfeest gewenst!  


Meest bijzondere moeder

Stabat Mater De Moeder stond door smart bevangen en met tranen langs haar wangen waar haar zoon gekruisigd hing. En het was haar in haar lijden of een zwaard haar kwam doorsnijden dat dwars door het hart heen ging. Hoe verdrietig en verloren was de toch zo uitverkoren moeder die hem ’t leven gaf. Ze moest klagen, ze moest rouwen en ze beefde bij 't aanschouwen van zijn vreselijke straf. Wie voelt er geen tranen komen die daarheen wordt meegenomen, waar hij Christus’ moeder vindt? Wie zou tranen binnenhouden als hij dat verdriet aanschouwde van de moeder bij haar kind? Zij zag wat hij heeft geleden voor het kwaad dat mensen deden, zag de zwepen, zag het slaan. Hoorde ’t kind, door haar gedragen, stervende om bijstand vragen, zag hoe hij is doodgegaan. (Willem Wilmink) BIJBELGEDEELTE Nadat ze Jezus gekruisigd hadden, verdeelden de soldaten Zijn kleren in vieren, voor iedere soldaat een deel. Maar Zijn onderkleed was in één stuk geweven, van boven tot beneden. Ze zeiden tegen elkaar: ‘Laten we het niet scheuren, maar laten we loten wie het hebben mag.’ Zo ging in vervulling wat de Schrift zegt: ‘Ze verdeelden Mijn kleren onder elkaar en wierpen het lot om Mijn gewaad.’ Dat is wat de soldaten deden. Bij het kruis van Jezus stonden Zijn moeder met haar zuster, Maria, de vrouw van Klopas, en Maria uit Magdala. Toen Jezus Zijn moeder zag staan, en bij haar de leerling van wie Hij veel hield, zei Hij tegen Zijn moeder: ‘Dat is uw zoon,’ en daarna tegen de leerling: ‘Dat is je moeder.’ Vanaf dat moment nam die leerling haar bij zich in huis. Toen wist Jezus dat alles was volbracht, en om de Schrift geheel in vervulling te laten gaan zei Hij: ‘Ik heb dorst.’ Er stond daar een vat zure wijn; ze staken er een majoraantak met een spons in en brachten die naar zijn mond. Nadat Jezus ervan gedronken had zei Hij: ‘Het is volbracht.’ Hij boog Zijn hoofd en gaf de geest. (Johannes 19:23-30, NBV) BEGRIJPEN Het Stabat Mater is wereldberoemd. Een (Latijns) gedicht uit de middeleeuwen dat genoemd is naar de eerste woorden van het gedicht: De moeder stond… Het gedicht is geschreven bij het beeld van Maria bij het kruis van Jezus. Eigenlijk kan ik mij er geen voorstelling van maken hoe Maria zich gevoeld heeft. Wat heeft zij gedacht, terwijl zij bij het kruis stond waaraan haar Zoon hing? Wat ging er door haar heen toen zij het gemartelde lichaam van haar Zoon zag? Welke herinneringen gingen door haar hoofd? Het Stabat Mater bezingt Maria als een intens verdrietige moeder. Haar hart wordt als het ware met een zwaard doorboord. Zo hevig is haar pijn om het verlies van haar Zoon. Tegelijkertijd: ze heeft het diep in haar hart geweten – dat kan haast niet anders. De voortekenen voor Zijn bijzondere weg zijn er vanaf de aankondiging van Zijn geboorte al geweest. En toch… Aan de voet van het kruis lijken de woorden van de engel Gabriël slechts een mooi droom, de beloften lijken ineens zo belachelijk, hoe heeft ze het ooit kunnen geloven? Hoe heeft ze ooit kunnen geloven dat het waar zou zijn? Op dit moment lijkt de situatie van haar zoon uitzichtloos en lijkt dus ook haar situatie uitzichtloos. Maar… NALEVEN … geen duisternis zo donker of God kan verlichting brengen. Geen dal zo diep of God loopt met je mee omhoog. Daar waar mogelijkheden worden beperkt, waar wegen worden afgesneden, waar hoop je ontnomen wordt, daar wordt het leven dat God geeft geblokkeerd. Iedere tijd heeft zo haar eigen mensen die de hoop op vrijheid blokkeren. Heeft iedere situatie haar eigen mensen die de weg naar nieuw leven versperren. Mensen om je heen die alle hoop de grond in boren met hun cynisme en sarcasme. Hoe uitzichtloos kan een situatie lijken, doordat iemand alsmaar negatief en pessimistisch is? Of doordat er mensen zijn die je plezier in het leven weten te ontnemen met kleine pesterijen, met steken onder water, met minachtende opmerkingen… Maria staat bij het kruis. Als moeder van Jezus, haar Kind. Als moeder van Jezus, de Zoon van God. Wat een gemengde gevoelens zal dat hebben gegeven. Een strijd tussen uitzichtloosheid en trots dat Jezus deze weg heeft volbracht. Een strijd tussen wanhoop en diepe dankbaarheid om Zijn gehoorzaamheid… WIL JE MEER? Lucas 1:26-38, 46-55 Johannes 2 Matteüs 12:46-50   Mirjam Kollenstaart


Danken en loven

Dankbaarheid is de moeder van alle deugden (Marcus Tullius Cicero) BIJBELGEDEELTE Dit is de dag die de HEER heeft gemaakt, laten wij juichen en ons verheugen. HEER, geef ons de overwinning, HEER, geef ons voorspoed. Gezegend wie komt met de Naam van de HEER. Wij zegenen u vanuit het huis van de HEER. De HEER is God, Hij heeft ons licht gebracht. Vier feest en ga met groene twijgen tot aan de horens van het altaar. U bent mijn God, U zal ik loven, hoog zal ik U prijzen, mijn God. Loof de HEER, want Hij is goed, eeuwig duurt Zijn trouw. (Psalm 118:24-29) UITLEG Afgelopen week bevond ik mij nog in het klooster, in stilteretraite. Het thema van het weekend was ‘dankbaarheid’. Behalve de stilte en het kloosterritme en de goede zorgen van de zusters, kregen we ook inleidingen over het thema aangereikt. Als een spons heb ik me volgezogen en graag deel ik een van de ontvangen parels met jullie. Volgens Paulus is dankzegging, naast wensen, smekingen en voorbeden die je aan God richt, de hoogste vorm van gebed. De structuur van het Bijbelse bidden kun je goed zien, als je je verdiept in de psalmen; je vindt daarin twee grondtonen terug: klagen en danken/loven. Die twee grondtonen vormen een soort getijdebeweging: van loven naar klagen naar loven. Of andersom: van klagen naar loven naar klagen. In psalm 118 zie je die golfbeweging heel mooi gaan. De psalmdichter begint met een lofzang voor de Heer, in vers 5 en verder refereert hij aan moeilijke perioden van benauwdheid; alle reden tot klagen, in die grote ellende. Maar wat heeft hij ervaren? Dat staat in vers 14: De HEER is mijn sterkte, mijn lied, Hij gaf mij de overwinning. Dus: jubelen en zegezang, de Heer loven, zo lezen we in vers 15 en verder. Het is tijd om te danken en te loven. Daarom gaat de psalmdichter naar de tempel (zie vers 19 en 20), om God daar fysiek dank te brengen. Het danklied in de tempel komt tot grote hoogten in vers 24 en verder. In onze benauwdheid heeft de Heer Die God is, het voor ons doen lichten. Alle reden tot grote lof en dankbaarheid! NALEVEN Op deze manier had ik nog nooit naar de psalmen gekeken. Lees je verder in de psalmen, dan zie je deze beweging steeds weer. Hoe mooi is dat? Dankbaar zijn voor wat God je heeft gegeven, juist omdat je weet hoe het ook anders kan zijn(je herinneringen aan het klagen, aan diep verdriet, en hopelijk hoe God toen toch bij je was). Vanuit die dankbaarheid eindig je je gebed met lof en dank aan God. Andersom kan natuurlijk ook. Dat je diep in de put zit en je machteloos voelt doordat iemand die je liefhebt met een ziekte wordt getroffen. Dat je diep verlangt naar een intieme relatie met je man, maar je je in plaats daarvan soms verder dan ooit van hem verwijderd voelt… Je klaagt God aan. Misschien niet eens met de vraag: waarom ik of wij? Maar wel met je verdriet en onmacht om de gebrokenheid van het aards bestaan. Juist omdat je weet hoe het ook kan zijn. Maar door die gevoelens van verdriet en gebrokenheid en klagen (en dat is iets anders dan zelfbeklag) heen, voel je toch ergens de dank aan God. Je weet hoe het voelt als het wel goed is. Weet dat Hij altijd bij je is, ook al voel je dat nu even niet zo. Je wilt Hem danken omdat je je tot Hem mag wenden in je nood en angst. Zo kom je vanuit je ellende toch weer bij God terecht. Want bij Wie anders? De Vader troost jou in Zijn armen. En dan komt vanzelf weer de periode dat je Psalm 118 kan lezen en zingen en denkt: het gaat weer de goede kant op, God is ons nabij. Ik wens je Gods liefdevolle en troostende nabijheid toe. WIL JE MEER? Mijn Vader dank U wel Ik zal er zijn Our God is an awesome God   Pauline Schonewille


Verwachtingen

… en vonden het zoals Hij hun gezegd had. (Lucas 22:13, NBG-’51) BIJBELGEDEELTE En terwijl zij aten, nam Hij een brood, sprak de zegen uit, brak het, gaf het hun en zeide: Neemt, dit is mijn lichaam. En Hij nam een beker, sprak de dankzegging uit, en gaf hun die en zij dronken allen daaruit. En Hij zeide tot hen: Dit is het bloed van Mijn verbond, dat voor velen vergoten wordt. (Marcus 14:22-24, NBG-’51) UITLEG Verwachtingen, we hebben er allemaal mee te maken. Soms zijn ze precies goed en is iets zoals we het ons hadden voorgesteld. Andere keren zijn ze te hoog gespannen, zodat iets tegenvalt en we teleurgesteld worden. Weer andere momenten hebben we onze verwachtingen zo laag gesteld, dat we eigenlijk alleen maar aangenaam verrast kunnen worden. Verwachtingen, het verhaal van de laatste Pesachmaaltijd van Jezus en Zijn leerlingen heeft er alles mee te maken. De discipelen wisten precies wat ze konden verwachten. Die sedermaaltijd verliep altijd volgens eenzelfde opbouw. Het zit zelfs in de naam: ‘seder’ betekent ‘orde’. Er waren bekers wijn, bittere kruiden, matses, groenten, het zoute water, het lam midden op de tafel en altijd werd het verhaal van de bevrijding uit Egypte verteld. Maar die ene keer ging het ineens anders. Onaangenaam verrast werden ze. Jezus verbrak de vaste orde. Bij een van de matses die Hij brak, legde Hij de link naar Zijn lichaam en bij een van de bekers sprak Hij uit dat dat het bloed van Zijn verbond was. Wat bedoelde Jezus daar nou mee? Dat zou snel duidelijk worden. Maar wel nadat de discipelen de daaropvolgende dagen hun verwachtingen helemaal naar beneden moesten bijstellen tot er geen enkele verwachting meer overbleef… NALEVEN … om vervolgens iets mee te maken dat hen sprakeloos deed staan. Een leeg graf: Jezus was niet meer dood, maar leefde! Zijn bloed had gevloeid en Hij leefde. Vanaf dat moment was er op het oude verbond tussen God en mensen een stempel gezet: niet meer geldig. Het bloed van Jezus had gezorgd voor een nieuw verbond, dat voor het oude in de plaats was gekomen. En wat betekende dat? Heel eenvoudig het volgende: het wel of niet leven in Gods aanwezigheid, als kind van de hemelse Vader, hing niet meer af van de inspanningen en pogingen van mensen die aan Gods wetten moesten voldoen. Het enige wat belangrijk was, was dat je je leven met Jezus deelde. En dat geldt ook voor ons! Wij leven onder het Nieuwe Verbond van Jezus Christus. Daarin draait alles om het ‘delen met Jezus’. Hij deelde ons mens-zijn, Hij deelde onze zonden en ziekten. Hij stierf in onze plaats, werd opgewekt en doet ons delen in Zijn leven. Levend met Hem delen we nu al in alle rijkdom en zegeningen in de hemel. De hemelse Vader zegt in Jezus Christus tegen ons: alles wat van Mij is, is van jou! Wauw! Laat dat eens tot je doordringen. Wat mogen wij veel verwachten, niet alleen voor de toekomst, maar ook voor elke dag dat wij op aarde leven! En wat wij mogen verwachten, vinden we heel duidelijk omschreven in de vele (duizenden!) beloften die er in de Bijbel staan. Ik zou zeggen: zoek er vandaag maar een paar op in je Bijbel. Of nog beter: vraag God jou te leiden naar zo’n persoonlijke belofte in de Bijbel. Dank Hem er vervolgens voor en leef ermee. Ik bid dat jij in je dagelijks leven Zijn beloften mag vinden! WIL JE MEER? Jesaja 53:4-5 Marcus 14:12-25 Lukas 15:31 2 Korintiërs 1:20 Galaten 2:20 Efeziërs 1:3 en 3:20-21   Carolina Blokland


Zing (van) trouw

Er is meer genezende vreugde in vijf minuten aanbidding dan in vijf nachten van feestvreugde. (A.W. Tozer) BIJBELGEDEELTE Loof de HEER, want Hij is goed, eeuwig duurt Zijn trouw. (1 Kronieken 16:34, NBV) UITLEG Zingen… De één houdt er van, de ander vindt het maar niks. Of je nu zelf graag zingt of liever luistert naar een ander, de Bijbel roept ons op om te zingen. Echt waar. In de Bijbel staan liederen waarbij de opdracht klinkt: leer dit lied uit je hoofd, zing het vaak. Waarom zijn liederen zo belangrijk? Omdat we makkelijker liederen onthouden dan teksten en verhalen. En liederen raken niet alleen ons verstand, maar ook onze emotie en ons hart. Zo kunnen wij met hart en ziel onze nood, liefde of vreugde uiten. Liederen geven ons moed, troosten ons, maken ons blij. En bovenal helpen zij ons herinneren. Nu is er een refrein in de Bijbel dat telkens weer terugkeert. Keer op keer krijgen mensen de opdracht dit refrein te zingen. Als koning David de ark van God naar Jeruzalem brengt, klinkt onder luid trompetgeschal: ‘Loof de HEER, want Hij is goed, eeuwig duurt Zijn trouw.’ En het hele volk antwoordt: ‘Amen!’ en ‘Prijs de HEER!’ David geeft meteen opdracht dit lied te blijven zingen. Als koning Salomo de tempel inwijdt, wordt er een groot koor met ‘orkest’ neergezet. Zodra de trompetten en cimbalen schallen en de zangers uit volle borst ‘De HEER is goed, eeuwig duurt Zijn trouw’ zingen, vult de tempel zich met een wolk van Gods majesteit. Als het volk Israël als gevolg van al hun ontrouw, zonde en falen in ballingschap gaat, voorspelt de profeet Jeremia dat God Zijn volk eens weer terug zal brengen en herstellen. Dan zal er weer een vreugdezang te horen zijn in Jeruzalem: ‘Loof de HEER van de hemelse machten, want Hij is goed, eeuwig duurt Zijn trouw.’ En inderdaad, het gebeurt precies zoals Jeremia geprofeteerd heeft. Het volk keert terug naar Jeruzalem en gaat de stad en tempel herbouwen. Staand op de ruïnes van hun eigen ontrouw en falen, zingen ze voor God: ‘Hij is goed, eeuwig duurt Zijn trouw aan Israël.’ De oudere generatie zingt met tranen van heimwee, spijt en verdriet op hun wangen. De jongere generatie zingt met grote vreugde, juicht uit volle borst om het nieuwe begin. NALEVEN Door alle eeuwen heen hebben mensen de woorden uit Psalm 100, 106, 107, 117, 118, 136 en 138 gezongen. Eeuwig duurt Zijn trouw. De één zong het met het schaamrood op de kaken, vanwege zijn of haar eigen ontrouw. De ander met tranen van vertroosting. Een derde juichte het uit om een nieuw begin. Waarom? Waarom is het nu zo belangrijk om dit lied te zingen? Denk daar deze week nu eens over na. Zing het zelf elke dag en kijk wat het met je doet. Eén ding is zeker: het is nu onze beurt om het refrein te zingen. Het is jouw beurt. Soms heb ik geen zin in zingen. Als mijn zoon dan Groot Nieuws Radio hard aanzet, zeg ik: ‘Kan die muziek uit?’ En als ik moe en gestrest ben en de muziek me irriteert: ‘Zet die herrie uit!’ Mijn 17-jarige zoon wijst mij er dan fijntjes op dat deze prachtige christelijke muziek geen herrie is en hij heeft helemaal gelijk! Natuurlijk hebben we ook behoefte aan rust en stilte om even bij te komen of te concentreren op ons werk en staan we niet elk moment van de dag open voor geestelijke muziek. En toch… Misschien is het een goed idee om juist als ik chagrijnig ben een moment te luisteren naar een rustig lied over Gods trouw. Wie weet doet het goed. Zullen we het allebei deze week uitproberen? Jij bij jou thuis, ik bij mij thuis? WIL JE MEER? Geen dag zonder aanbidding – Ruth Myers Aanbidding waar God naar zoekt – David Ruis Een leven van aanbidding – Marcos Witt Uw liefde laat nooit los – Opwekking 714   Ankie Renger